Friday, April 14, 2006

Eropuit

Eergister een bezoek gebracht aan InHolland hogeschool in Delft. ADSE was gevraagd een workshop te verzorgen op de bedrijvendag van de instelling. De opkomst was niet bepaald bemoedigend, maar desondanks waren de reacties positief. Na afloop nog wat nagepraat met de onderwijsmanager van luchtvaarttechniek. Hij vertelde dat slechts een klein deel van de afgestudeerden te porren was om in het buitenland te gaan werken. Onbegrijpelijk! Hoe komt dat toch? Voor het serieuzere luchtvaartwerk moet je toch in het buitenland zijn. En wat te denken van de bijkomende aspecten als leven in een andere cultuur, een nieuwe taal, de extra jeu van werken over de grens. Maar verandering van spijs doet niet meer eten, blijkbaar. Vanwaar dat gebrek aan nieuwsgierigheid, drang naar avontuur? Geldt dit voor grote groepen? Wat concurreert er met de aantrekkingskracht van het onbekende? Dit lijkt me op gespannen voet te staan met de Nederlandse overlevingsstrategie (innovatie, kenniseconomie).

Monday, April 10, 2006

Marathonlopen is energiemanagement

Alles klopte. Ik had de boekjes uitgebreid bestudeerd en me nauwgezet aan alle geode raad gehouden: maandenlang een opbouwend schema gevolgd, de laatste twee weken afgebouwd, veel koolhydraten gegeten, me een waterhoofd gedronken, op vaste tijden naar bed en nu had ik nog een flesje drinken bij me om 10 minuten voor de start op te drinken. Met een trucje had ik me nota bene een plek op bijna de eerste startrij veroverd! Waarom maakte ik me dan zo druk? Nog geen meter gelopen, maar m’n hartslag hemelshoog. Ik maakte me zorgen: zouden deze zenuwen mijn kostbare energievoorraad al goeddeels opgesnoept hebben? Van de gedachte steeg mijn hartslag nog een paar slagen extra. Om wat rust in mijn tent te brengen probeerde ik maar wat mee te zingen met Lee Towers, die voor de start die 10.000 lopers nog maar eens informeerde dat ze nooit alleen zouden lopen. Allicht ten overvloede; dat ik niet alleen zou lopen was me al duidelijk. Wat een menigte! En allemaal hadden ze al die kilometers getraind, onvoorstelbaar! Een dof kanonschot en we zijn op weg, ...... lees hoe het mij vergaat in de marathon van Rotterdam op http://www.markolsthoorn.nl/rotterdam_marathon.htm (Uitslagen op http://www.fortismarathonrotterdam.nl/)

2 uur, 46 minuten en 19 seconden

...dat is hoe lang ik over mijn eerste marathon deed, gistermiddag in Rotterdam. Nu ben ik wel een beetje trots, maar ook enorm stijf. Hier de statistieken:

Saturday, April 08, 2006

Tomorrow it's d-day, the Rotterdam marathon, my first full one. I think I'm ready. Actually, I wouldn't have minded to run last Thursday already. It really is like the books tell you. In the last two weeks you have to cut down on weekly mileage (it's called 'tapering') to let your body fully recover from the intense build-up training program to enter the race in top shape. Of course, the reduced training time allows you to other interesting things instead. That sounds attractive, but can you, when your mind is with the marathon all the time? Second, as you don't run that much, you loose confidence. And third, lack of exercise makes one bad tempered, which isn't nice for you nor for your environment. Everything little sign of physical malfunction boosts stress level. Will my calf make it? Should I take that irritation in my throat seriously? Fortunately, today I ran a short distance. It felt good and re-established confidence in tomorrow's challenge. Yesterday I got my number. It's 774. The guy at the helpdesk was friendly to me when I asked him for admission to a reserved strating area for faster runners, ahead of the pack. My half-marathon personal best appeared convincing enough. Now I can race from the start without having to slalom around slower runners in the first few kilometers. Actually, it's a lazy day today. I try to avoid standing for too long, I eat carbohydrates all day, drink lots of water (and pee it out again), try to nap for a while and get my clothes together. What to wear? I don't know. What will the weather do? For how long will I have to stand still before the start? Anyway, it'll be alright. At 11 AM the canon will be fired and the crowd will start running, whatever the weather, whatever I wear. From that moment the nerves will be gone. And three (or maybe a little more) hours later the whole thing will be history and I can get back to normal life again, which is probably something my girlfriend is looking forward to.

Thursday, April 06, 2006

Verdonk vs Rutte

Natuurlijk, natuurlijk, het moet ‘over de inhoud’ gaan, maar zolang die er nog niet is haal ik het vertrouwen toch uit wat ik wel weet. Dan heb ik toch m’n twijfels bij Rita Verdonk. Voor het lijsttrekkerschap gaan, is dat nu wel verstandig, meisje? Word je er niet ingeluisd? Haar omgeving heeft ‘ongelooflijk veel vertrouwen’ in haar uitgesproken, zegt ze, maar dan kan ik er toch niets aan doen dat ik direct de goede bedoelingen van haar omgeving in twijfel trek: hebben zij wel het beste met haar voor? Ik kan er niet omheen, ze maakt toch een beetje een zielige indruk. Als ze met haar mannelijke stem staccato van het kansel schreeuwt dat ze “niet links, noch rechts, doch rechtdoorzee” is, dan hoor ik de zee galmen in de leegte (en vraag me af waar het adjectief souverein bij zee is gebleven). De glimlach waarmee ze afsluit verraadt een zekere trots en gebrek aan acteertalent. De trots breng ik in eerder in verband met haar strijdlust zelf dan met hetgeen waarvoor ze strijdt. Misschien moet ik eraan toevoegen dat ik het lovenswaardig vindt dat zij de moed heeft ondanks felle, laaghartige kritiek haar lijn vast te houden, los van of ik het met die lijn eens ben. Een goed politicus moet het volk durven uitleggen waarom dat het bij het verkeerde eind heeft. Of Verdonk het laatste ook doet, weet ik niet, want zij is vooralsnog een populaire politica, wat erop duidt dat haar lijn die van de meerderheid van het volk is. Het is een dunne basis waarop ik oordeel, maar veel meer heb ik niet. Moge Rita Verdonk de kans grijpen die ze de komende maanden heeft, om zich bij mij op de kaart te zetten. Ik betwijfel echter of ze dat wel wil, want wellicht verliest ze dan tegelijk het imago waaraan ze haar populariteit te danken heeft.

Tuesday, April 04, 2006

managers en vakmensen

Afgelopen zondag met belangstelling het debat in Buitenhof gevolgd over de verstikkende werking van de toename van ‘managers’ in organisaties. De vakman verliest zijn macht, de manager verstikt zijn werk met generieke regeltjes. Daarbij geniet de vakman een lagere status dan de manager, die zich gemarginaliseerd voelt door mensen die het proces dat zij sturen zelden zelf uitgevoerd hebben. Managers houden zich vast aan de mantra’s uit Angelsaksische managementboeken, tot ergernis van de vakmens die vanuit praktijkervaring redeneert. De kloof is soms groot. (Aan dit probleem is een website gewijd: http://www.intensievemenshouderij.nl/) Economieleraar Ton van Haperen zei in de discussie dat het probleem vaakt ligt in details in de uitvoering, die per docent kunnen verschillen. Ook in de ontwikkelingshulp lijkt dit probleem zich voor te doen. Zoals Jeffrey Sachs schrijft in zijn boek “The End of Poverty”, er is niet één remedie voor alle armoede. De bestrijding ervan vereist een gedifferentieerde diagnose, die per land sterk kan verschillen. Het begin van de oplossing ligt vaak in heel tastbare maatregelen: maatlijden voor leerlingen op school, muskietnetten, kunstmest, medicijnen, enz. Ook hier lijken de rijke landen, als de ‘managers’, zich af te laten leiden door hun eigen bestuurlijke mantra’s, af van de primaire zaken waar het om gaat: schoon drinkwater, gezondheid, voedsel, onderwijs, enz. om de armen boven het bestaansminimum uit te helpen, opdat ze op eigen benen kunnen staan. Zij weten zelf dondersgoed wat zij nodig hebben, dat hoeven wij hen niet te vertellen, zegt Sachs. En dat geluid komt ook van de vakmensen in onze Nederlandse organisaties. Misschien dat de managers en vakmensen in het onderwijs, de zorg en andere orgnisaties de lessen van Jeffrey Sachs kunnen vertalen naar hun situatie om er hun voordeel mee te doen. (Maar liever nog: laten in de ontwikkelingsproblematiek ook vooral de donorlanden luistern naar de lessen van Sachs.) Eigenlijk heb ik hetzelfde gedaan bij Airbus. Als adviseur zonder ervaring een algemene theorie, vertaald in een specificatiestandaard die voor alle ingenieurs, die met zeer uiteenlopende specificaties te maken hebben, van toepassing moet zijn uitleggen. Ook dat hield geen stand; de standaard wordt gedifferentieerd. Standaarden houden het beheersbaar, borgen kwaliteit en voorkomen dat wielen vaker uitgevonden moeten worden, maar bij elke generalisatie hoort een kader waarbinnen die geldig is. Bij een te klein kader is een generalisatie geen generalisatie meer. Met een te groot kader kan je niets in de praktijk. En zo is het toch een kwestie van taal geworden en moet in elke geval een specifiek pakket aan standaarden gekozen worden.

Sunday, April 02, 2006

Last week we finished our job in Hamburg, so I flew back from Hamburg to Amsterdam for the last time in this project on wednesday evening. I don't know whether it should, but it can be interpreted as symbolic that I forgot to take my trolley off the cart when deboarding the aircraft. The trolley, which is too big to take inside the cabin of the small aircraft, I handed over to Lufthansa personnel before boarding to put in the cargo compartment and give it back to me at the bottom of the aircraft stairs upon arrival. However, in the bus from the aircraft to the terminal building I suddenly realized that I didn't have my trolley with me. Was it an unconscious action: "Project is over, so I don't need a trolley anymore!"? I don't think so. The lady of the baggage handling counter tracked my little suitcase swiftly. It had been transferred to the baggage reclaim band. Things like this never happen to me, I used to say. And it used to be true! but I'm afraid I can't say that anymore. Thursday morning I went to the office in Hoofddorp. When I wanted to get off the overly crowded train at my destination, a young, blond woman suddenly fell at my feet. "What is it that gives me the honour?" I thought, but it was immediately clear that this woman had lost counsiousness. What to do? Call 112? But what is the address of a moving train? Tank god, she quickly reopened her eyes, stood up again and walked onto the platform. She 'just' had fainted, 'no problem'. Thursday night I did a 10k run at a moderate pace. Too bad, my right calf hadn't forgotten last Sunday's torture and began protesting again. I hope the bastard will stop moaning and do its job next Sunday. Friday afternoon I visited the factory of Stork Fokker in Papendecht. The mission was to get acquainted with the project leader of the development team of a new dedicated factory for manufacturing of some composite parts for the Joint Strike Fighter (JSF). Possibly, it's going to be my next project, being part of that team and help optimizing the design of part of the factory. As I understood the project faced a tight schedule, I expected to start tomorrow, but things need some time. In two weeks I'll know more. Don't know how to intrepret this message, which isn't quite in line with the signals I received earlier. To be continued. Today, the last long run before Rotterdam. A short one, as it is tapering time. I did 15 km, from here to Scheveningen boulevard and back. The weather was nice, so the boulevard along the beach crowded. I hadn't expected to be forced to slalom around the pedestrians in tights, leaving the impression of being an exhibitionist. Fortunately I didn't have time to worry about that too much, I had to concentrate on the headwind and respiration. I wanted to run at marathon pace, but of course, I didn't have the means to verify this along the route, so I chose to be at the safe side and ran too fast. A stupid thing to do in the tapering phase! Nevertheless, afterwards I felt great. My calf moaned again, but at reduced volume. He'll be quiet in a week.